Ik heb een ‘second brain’ gebouwd (en dat had ik veel eerder moeten doen)
Photo by Jake Blucker on Unsplash
Sinds een week of vier ben ik fors geminderd met het volgen van nieuws en social media. Prettig aan zo’n beslissing is dat je weer eens gaat reflecteren op hoe je je tijd doorbrengt. Daar had ik voorheen geen tijd voor, want ik was te druk met posten en reageren op LinkedIn. Na twee weken mijn LinkedIn-tijd ingewisseld te hebben voor Netflix (damn you, Ferry!) en elke dag alle actualiteitenprogramma’s kijken, vond ik het tijd om eens te stoppen met consumeren en weer eens wat te gaan maken (lees: schrijven). “Create more, consume less”, zoals mijn vrienden van The Minimalists zeggen.
De vraag was alleen: hoe pak je dat weer op als je zo lang niet voor jezelf geschreven hebt?
Kappen met snelle LinkedIn-postjes
Ik had een vaag gevoel dat het boek Building a Second Brain van Tiago Forte me hierbij zou kunnen helpen. Ik lees veel, maar merkte tot mijn grote frustratie ook dat ik al snel weer vergat wat ik gelezen had. Van een echt goed boek maakte ik een samenvatting, maar ja, vervolgens vergat ik weer dat ik die samenvatting gemaakt had. Dat schoot dus ook niet op.
Verder wilde ik het schrijven graag weer oppakken, maar dan wel op een dieper niveau. Wat minder snelle LinkedIn-postjes die ‘iedereen’ wel kan schrijven en wat meer diepgaandere artikelen over de thema’s die me bezighouden, zoals (momenteel) digitaal minimalisme, anti-productiviteit en technologie.
Want zoals Johann Hari het verwoordt in het, overigens uitstekende, boek Stolen Focus:
“Very few things worth saying can be explained in 280 characters. If your response to an idea is immediate, unless you have built up years of expertise on the broader topic, it’s most likely going to be shallow and uninteresting.”
Lange artikelen schrijven brengt me in een flow, het verrijkt mijn denken en ik help er ook nog anderen mee.
Tegelijkertijd is het ook een protest tegen de oppervlakkige ongenuanceerde oneliners die zich dagelijks aan ons proberen op te dringen via televisie, nieuwswebsites en social media. Ik wil terug naar de inhoud.
Vorig weekend heb ik Building a Second Brain eindelijk gelezen en vervolgens heb ik dit Notion template voor een second brain gekopieerd naar mijn eigen Notion en getweakt.
Een aantal ‘resources’ in mijn second brain.
Hoe ik mijn second brain gebruik
Al na een paar dagen merkte ik resultaat van mijn second brain. Voorheen markeerde ik met het doel om een soort samenvatting te maken. Nu markeer ik alleen nog de quotes die écht met me resoneren, in plaats van wat ik al weet.
Zoals Forte zegt: “Als je niet verrast bent, dan wist je het ergens al, dus waarom zou je het dan opschrijven?” De ene keer markeer ik dus meer dan de andere keer.
Maar hoe bepaal je dan wat je wel en niet markeert? Forte adviseert het volgende:
“Maak een lijst van een aantal van je favoriete problemen, sla die lijst op als notitie en bekijk die wanneer je twijfelt wat je vast moet leggen. Gebruik deze open vragen als een filter om te besluiten welke content de moeite van het bewaren waard is.”
Enkele van mijn ‘problemen’ zijn:
Hoe zorg ik ervoor dat ik wat ik me voorneem ook echt doe?
Hoe kan ik op een verantwoorde manier gebruikmaken van technologie?
Hoe zorg ik ervoor dat ik minder geraakt word door vervelende gebeurtenissen?
Dit zijn thema’s waar ik momenteel over lees en dus interessante inzichten over verzamel.
Ik lees vooral op mijn Kobo e-reader en heb een abonnement op Readwise genomen. Deze app synchroniseert met mijn Kobo (ook met Kindle en allerlei andere lees-apps, trouwens) en importeert al mijn markeringen.
Hoewel het met Readwise ook mogelijk is om je markeringen direct naar Notion te sturen, doe ik dat niet. Dan heb ik weer per boek een pagina met markeringen en dat is juist wat ik niet meer wil. Ik wil, zoals Forte ook adviseert in Building a Second Brain, mijn notities kunnen koppelen aan projecten, wat in mijn geval vooral schrijfprojecten zijn.
Bovendien vind ik het fijn om een tussenstap te hebben en de passages die ik heb gemarkeerd nog eens te reviewen in Readwise. De passages die deze eerste slag overleven kopieer ik en zet ik als notitie in mijn Note Inbox in mijn second brain. Ik selecteer ook direct het boek waar de passage in staat (ik heb mijn second brain gekoppeld aan mijn boekendatabase) of op welke website.
Edit 07/12/2024: Kort na publicatie van dit artikel ben ik overgestapt naar het gratis Koblime. Dit is een tooltje dat je installeert op je Kobo e-reader en dat je markeringen synchroniseert met de cloud. Als je een boek uit hebt, kun je handmatig de passages die je wilt bewaren vanuit je Koblime-account copy pasten naar je second brain.
In een wekelijkse review orden ik de notities in mijn Note Inbox. Ik probeer de kern eruit te destilleren, met een methode die Forte ‘progressief samenvatten’ noemt. Ik geef elke notitie een korte kernachtige naam, koppel het juiste boek eraan en markeer wat volgens mij de essentie is van de notitie. Op die manier kan ik in één oogopslag zien waar de notitie over gaat, in plaats van dat ik elke notitie weer helemaal opnieuw moet gaan lezen als ik hem weer tegenkom.
Daarna zet ik de notitie op de juiste plek. Die plek kan een ‘project’, een ‘area’ (verantwoordelijkheidsgebied) of een ‘resource’ zijn. Daarvoor maak ik ‘mappen’ aan in Notion.
Een project kan bijvoorbeeld een blog zijn die ik aan het schrijven ben, een area is een verantwoordelijkheidsgebied (zoals Huis en tuin of Gezondheid, in mijn geval) en een resource is een vergaarbak voor thematisch verwante notities, zoals ‘technologie’, ‘creativiteit’ en ‘filosofie’. Dus als ik denk: ik wil iets over creativiteit schrijven, kan ik in de resource ‘creativiteit’ kijken welke notities interessant zijn om te gebruiken in mijn artikel.
Het fijne van Notion is dat het ontzettend flexibel is. Je kunt dus gewoon ergens beginnen en je areas en resources altijd weer aanpassen.
Als ik de notitie gebruikt heb, kan ik hem archiveren. Ik gooi hem dus in principe niet weg, maar zorg dat ik hem via de zoekfunctie altijd weer terug kan vinden indien nodig.
De beginletters van de mappen vormen het acroniem PARA (projects, areas, resources, archive). De methode van Forte wordt dan ook wel de PARA-methode genoemd.
Van schaarste naar overvloed
Na het lezen van de eerste bladzijden van Building a Second Brain was ik niet direct overtuigd dat de PARA-methode ook voor mij zou werken. Ik voelde lichte paniek bij de gedachte dat mijn notities ineens ‘all over the place’ zouden zijn. Ik wilde mijn book notes gewoon netjes in een database met notes per boek blijven bewaren, ook al had dat me nog nooit iets opgeleverd.
Pas toen ik het template had gekopieerd en ermee ging spelen, begon ik in te zien dat mijn notes juist niet ‘all over the place’ waren, maar dat het juist een heel gestructureerd systeem is.
Mijn creativiteit begon ook meteen weer te stromen toen ik met mijn notities aan de slag ging en verbanden ging zien tussen de verschillende notities.
Ik ben ervan overtuigd dat deze methode mijn schrijfproces ingrijpend zal veranderen.
Voorheen wachtte ik tot ik inspiratie had en schreef ik vervolgens mijn hoofd leeg. Ik maakte dus vooral gebruik van kennis die in mijn hoofd zat en deed alleen deskresearch om iets te verifiëren. Geen wonder dat ik al een hele tijd geen blog meer heb geschreven.
“Wanneer je het gevoel hebt dat je blijft steken in je creatieve proces, wil dat niet zeggen dat er iets mis is met je,” schrijft Forte in zijn boek. “Het betekent gewoon dat je niet genoeg materiaal hebt om mee te werken.“ (cursief door mij).
Of in de woorden van Ryan Holiday: “There’s no such thing as writer’s block (just insufficient research).”
Met de PARA-methode verzamel je de hele dag door bouwstenen. Bijvoorbeeld fragmenten uit boeken of artikelen, een YouTube-video of een TED Talk, of een eigen inzicht. Alles waarvan je denkt dat je het kunt gebruiken voor een van je (toekomstige) projecten sla je op.
Op het moment dat ik voldoende bouwstenen heb verzameld, kan ik gaan schrijven. Ik hoef dus niet meer op zoek te gaan naar input voor een artikel; die staat al in mijn second brain.
Met andere woorden: ik begin niet met schaarste, maar met overvloed. Het kan niet anders dan dat de kwaliteit én frequentie van mijn schrijven met deze aanpak omhoog gaan.




